Wat is het perfecte stookhout

Om schoon en verantwoord te kunnen stoken, is een volledige verbranding van al het vrijkomende houtgas nodig. Veel houtstokers denken dat het hout brandt, maar dat is niet het geval. Het zijn de houtgassen die, in combinatie met voldoende zuurstof, branden en een prachtig vlammenspel realiseren. De eigenschappen van het hout bepalen onder andere hoe goed deze gassen vrijkomen en ontbranden. 

Het gebruik van het juiste hout is daarom belangrijk voor een volledige en dus schone verbranding. Daarbij is het goed om te letten op het vochtpercentage van het hout, de boomsoort en het formaat van de houtblokken. Door rekening te houden met deze factoren stook je de perfecte vlammen. In dit artikel lees je er alles over!

Hoe droog moet stookhout zijn?

Droog hout is één van de voorwaarden om emissiearm en dus zonder overlast te kunnen stoken. Het perfecte vochtgehalte van stookhout ligt tussen de 12 en 15 procent. Te nat hout belemmert de verbranding van houtgassen. Veel energie gaat dan verloren naar het verdampen van vocht. De waterdamp koelt de houtgassen af waardoor de kachel niet de gewenste temperatuur bereikt om alle vrijgekomen houtgassen goed te kunnen verbranden. Deze gassen, met daarin onverbrande houtrookverbindingen, verlaten het rookkanaal en veroorzaken zo overlast. 

 

Vooral tijdens de opstartfase belemmert waterdamp de gewenste temperatuur in de kachel. Het is dan moeilijker om de kachel aan te krijgen. Maar ook wanneer de kachel eenmaal brandt, blijft het vocht de temperatuur negatief beïnvloeden. Houtgassen krijgen niet de kans om volledig te verbranden waardoor de kachel emissie blijft uitstoten. Het is dus belangrijk om droog hout te gebruiken. Een ander voordeel van het stoken van droog hout is dat ook het warmterendement vele malen hoger is. Een blok hout geeft in dit geval meer warmte aan de ruimte af. Simpelweg omdat meer houtgassen de kans krijgen om te ontvlammen.   

Maar hout kan ook te droog zijn. Een te laag vochtpercentage is niet wenselijk omdat dit hout veel te snel laat ontgassen. Ook dan krijgen houtgassen geen kans om te ontvlammen en verlaten ze onverbrand het rookkanaal. 

Vochtpercentage meten

Om vochtpercentage van een stuk hout te bepalen, is het gebruik van een houtvochtmeter aan te bevelen. Deze meters zijn voor een klein bedrag aan te schaffen bij verschillende bouwmarkten, via een online shop of bij uw haardenspeciaalzaak. Voor het meten van het houtvochtpercentage zijn er een aantal richtlijnen waar u rekening mee moet houden. In het artikel ‘Hoe meet ik het vochtpercentage van hout?’ lees je alles over hoe je het vochtpercentage kunt meten.

Polsdik gekloofd hout

Voor een goede verbranding is ook het formaat van het brandhout belangrijk. Te grote blokken vatten minder goed vlam en zorgen daarmee dat de kachel niet goed op temperatuur komt. De vrijgekomen houtgassen kunnen dan niet volledig ontbranden. Dit veroorzaakt vervolgens een hogere uitstoot van schadelijke stoffen. Het perfecte formaat is polsdik gekloofd hout met een maximale lengte van 30 tot en met 35 centimeter. Wanneer het gekloofde hout vervolgens kruislings in de verbrandingskamer wordt opgestapeld, kan het hout in de aanwezigheid van voldoende zuurstof en warmte goed ontgassen en ontvlammen. Een perfecte manier om hout aan te steken is met de Zwitserse Stookmethode.  

 

Ongekloofd hout vat minder snel vlam omdat de houtgassen minder goed vrij komen. Het is daarom aan te raden om ook kleinere stukken hout zoals bijvoorbeeld takken, te kloven. Deze kun je perfect gebruiken bij het aansteken van de kachel.  

Hout laten drogen

Je ziet ze vaak staan, prachtig opgestapelde blokken gekloofd hout. Naast dat het er mooi uit ziet, heeft het ook een functie. Het hout droog op deze manier namelijk goed. Er zijn hierbij een aantal factoren waar je rekening mee moet houden voor een optimaal droogproces van het hout. Lees er alles over in het artikel ‘Hoe en hoelang moet hout drogen?’

Houtsoort

Zoveel soorten bomen, zoveel soorten hout. Maar niet elke boomsoort is even geschikt als brandhout. Dit komt door het verschil in thermische vermogen, met andere woorden; hoeveel warmte hout afgeeft, en de manier van branden. Sommige houtsoorten ontgassen bijvoorbeeld veel te snel waardoor er een grote hoeveelheid onverbrande houtgassen via het rookkanaal naar buiten ontsnappen. In het artikel ‘Geschikte en ongeschikte houtsoorten om te stoken’ lees je welke soorten meer geschikt zijn als stookhout en welke soorten je beter kunt laten liggen.