Hoe meet ik het vochtpercentage van hout?

Droog hout is één van de voorwaarden om emissiearm en dus zonder overlast te kunnen stoken. Het perfecte vochtgehalte van stookhout ligt tussen de 12 en 15 procent. 

Te nat hout belemmert namelijk de verbranding van houtgassen. Veel energie gaat dan verloren naar het verdampen van vocht. De waterdamp koelt de houtgassen af waardoor de kachel niet de gewenste temperatuur bereikt om alle vrijgekomen houtgassen goed te kunnen verbranden. Deze gassen, met daarin onverbrande houtrookverbindingen, verlaten het rookkanaal en veroorzaken zo overlast. Door het vochtpercentage van het hout te meten weet je of je hout al droog genoeg is om te kunnen stoken. 

3 stappen voor een perfecte houtvochtmeting

In 3 stappen leggen wij je precies de stappen uit voor een perfecte vochtmeting van het hout.

1. Kloof het hout

In de kern van een houtblok zit meer vocht dan aan de buitenzijde. Om een betrouwbare meting te kunnen doen is het dus belangrijk om de houtblokken die u gaat meten eerst te kloven. Het vochtpercentage wordt gemeten op het gekloofde vlak. 

2. Meet op 3 verschillende plekken

Plaats de voelers van de vochtmeter op drie evenredige plekken overdwars op het gekloofde vlak. Door de meter overdwars op het gekloofde vlak te plaatsen, voorkomt u dat u het vochtpercentage van dezelfde houtvat meet. Een boom is namelijk opgebouwd uit houtvaten die verticaal lopen. 

3. Neem het gemiddelde van de 3 metingen voor een betrouwbaar resultaat

Het gemiddelde van deze drie percentages geeft een goed beeld van het vochtpercentage in het houtblok.

Tip: Voor een representatieve meting, meet je het beste meerdere stukken hout uit verschillende delen van de houtstapel. Zo bepaal je de gemiddelde droogte van de houtstapel en weet je of het hout droog genoeg is om te kunnen stoken.