Wat is de Zwitserse Stookmethode?

Om met minimale overlast te kunnen stoken, is een volledige verbranding van alle vrijgekomen houtgassen van belang. Deze houtgassen komen vrij bij een temperatuur vanaf 150 graden. Het proces van ontgassing van het hout gaat door totdat de kachel een temperatuur van 700 graden bereikt. Vanaf deze temperatuur ontvlammen de houtgassen tot mooie dansende vlammen.

Het is dan ook niet vreemd dat met name tijdens de opstartfase meer schadelijke gassen vrijkomen. De kachel heeft dan nog niet de ideale temperatuur van 700 graden bereikt die nodig is om deze gassen te laten ontvlammen. Dankzij de Zwitserse Stookmethode kun je de kachel alsnog met minimale uitstoot van nadelige rookgassen aansteken. Hoe? Lees het in dit artikel.

De Zwitserse Stookmethode

Een manier om snel en gecontroleerd een volledige verbranding te bereiken is door gebruik te maken van de Zwitserse Stookmethode. Met deze methode steek je het hout van boven naar onderen aan. Op deze manier zorg je ervoor dat al vanaf het begin de vrijkomende houtgassen kunnen ontvlammen en er dus een (bijna) volledige verbranding is. Houtgassen stijgen op en wanneer er dan een vlam (en dus voldoende temperatuur) aanwezig is, krijgen deze houtgassen de kans om te verbranden. Dit is anders wanneer het hout van onderen wordt aangestoken. Het vuur (en dus temperatuur) bevindt zich dan onder de vrijkomende houtgassen. De schadelijke gassen stijgen op en gaan onverbrand het rookkanaal in.


Kruislings stapelen van groot naar klein

Voor een volledige verbranding moet de kachel snel de juiste temperatuur bereiken. Tot die tijd moeten alle houtgassen die vrijkomen, zo goed als mogelijk de kans krijgen om te verbranden. Dit bereik je door houtblokken van groot naar klein kruislings op te stapelen. De grote houtblokken komen onder en de kleinste boven, eindigend met kruislings opgestapelde aanmaakhoutjes. Stapel de blokken met de gekloofde vlakken naar binnen. Deze vlakken vatten namelijk sneller vlam. De kleinste blokken worden aangestoken met aanmaakblokjes en laten de steeds grotere blokken daaronder gemakkelijk ontvlammen. De blokken vatten zo geleidelijk en gecontroleerd vlam en de temperatuur wordt geleidelijk opgebouwd.  Wanneer het vuur bij de onderste grote blokken is aangekomen, heeft de kachel inmiddels voldoende temperatuur opgebouwd om ook de houtgassen van deze blokken goed te laten verbranden. 

Bijvullen houtkachel

Tijdens het bijvullen van de kachel is de kans op ongewenste uitstoot van rookgassen en fijnstof groter. De kacheldeur gaat open waardoor warmte, die nodig is voor een goede ontvlamming, verloren gaat. Wanneer de nieuwe houtblokken in de kachel gaan, moet de kachel weer op temperatuur komen om het hout te laten ontgassen en vervolgens te laten ontvlammen.

Beter is het daarom om de kachel bij te vullen wanneer er nog een vlam aanwezig is. Dan maak je optimaal gebruik van warmte die nodig is. Ook is het belangrijk om te zorgen voor voldoende zuurstof. Zet daarom de zuurstoftoevoer maximaal open tot het vuur goed brandt. Zet de toevoer daarna maximaal tot de helft terug.

Stappenplan Zwitserse Stookmethode​

  1. Vochtpercentage meten
    Meet het vochtpercentage van het hout met een vochtpercentagemeter. Dit percentage moet tussen de 12-15% zijn. Te nat hout brandt onvolledig en veroorzaakt zo onnodige uitstoot van schadelijke gassen. Maar ook te droog hout brandt onvolledig doordat houtgassen te snel vrijkomen en daardoor niet de kans krijgen om te ontvlammen.
  2. Kruislings stapelen hout
    Stapel het hout kruislings op elkaar waarbij het polsdik gekloofd hout helemaal onderop ligt. De steeds dunnere blokken stapelt u kruislings naar boven tot de dunste stukken bovenop liggen. Zorg dat de gekloofde vlakken van de houtblokken naar binnen liggen. Deze gekloofde kanten vatten namelijk sneller vlam. Eindig de stapel met kruislings opgestapelde stukken aanmaakhoutjes.
  3. Steek de aanmaakblokjes aan
    Steek de aanmaakblokjes aan en houdt de deur van de kachel 5 minuten op een kiertje zodat het vuur extra zuurstof krijgt. Wanneer de aanmaakhoutjes goed branden kun je de deur weer sluiten.
  4. Luchttoevoer helemaal open
    Zet de luchttoevoer van de kachel helemaal open zodat er voldoende zuurstof in de kachel blijft komen. Zonder voldoende zuurstof kunnen de houtgassen namelijk niet goed ontvlammen. De kachel gaat in dit geval extra veel rook produceren en de kachel is moeilijk aan te krijgen.
  5. Luchttoevoer terug zetten
    Wanneer alle houtblokken minimaal een half uur goed branden kun je de luchttoevoer lager zetten, maar nooit helemaal dicht. Het vuur moet namelijk voldoende zuurstof krijgen om alle houtgassen goed te kunnen laten branden. Het is aan te raden om de luchttoevoer niet meer dan de helft dicht te zetten.